Murder begon verlegen aan zijn set. Het salon was slechts voor de helft gevuld, maar zou, tot hun eigen grote verbazing, al na enkele nummers helemaal vollopen. Aan het einde van de set merkte zanger Jacob Bellens op hoe magisch hij het vond dat zoveel mensen zo stil waren. En inderdaad, je kon een speld horen vallen. Je zou nochtans denken dat de groep wel meer publiek gewoon is als voorprogramma van Tindersticks.
Je kunt je afvragen hoe lang een gitarist en een zittende zanger met enkel trage liedjes kunnen blijven boeien, maar dat bleek verrassend goed mee te vallen. De Denen putten vooral uit hun nieuwe plaat 'Gospel of Man', die in de rekken moet liggen in oktober. Een onbehaaglijk, pikzwart folkpareltje als No Room For Mistakes klonk alvast veelbelovend. Gelukkig werd 'The Stockholm Syndrome' niet over het hoofd gezien met onder andere Feast In My Honour. Afsluiter Help The Dead ging over praktische problemen bij de Apocalyps, “als de doden opstaan en zo”. Leuke jongens!
Ook Joy had een zekere zin voor Apocalyps. Eén gevoelig verschil met de vorige band: ze leken bloedserieus. Marc Huyghens, ex-Venusfrontman en Chuck Norris lookalike, vormde een trio met de elektrische celliste Anja Naucler en Françoise Vidick, een staande drumster met engelenstem. Ze produceerden gedrieën een zwaar, zompig geluid, doorspekt met distortion. Met drums die als pauken gebruikt werden en een snerpende cello vol fuzz werden er telkens kleine Apocalypsjes van traag opgebouwde pathos op ons losgelaten.
Alles aan Joy klonk koud, metalliek en artificieel. Aan de overkant van de zaal huilde een meisje in extase. “Muziek voor seks met reptielen.”, concludeerde mijn buurman. “De ukelelespeler van Rammstein.”, klonk het aan mijn andere kant. Hier zal ongetwijfeld wel een publiek voor zijn, maar wij waren dat niet.
No comments
Nieuwe reactie inzenden